Jeugdherinneringen van Sicco Mansholt (1908-1995)

Toekomstdromen

De oom van mijn oma, Bert Mansholt, en tante Wabien kregen, nadat ze in boerderij ‘Torum’ gingen wonen, kort na elkaar vijf kinderen. Op dertien september 1908 werd Sicco geboren. De eerste jaren wordt Sicco door de familie ‘Koosje’ genoemd. Op dat moment kon niemand nog vermoeden dat hij de trots van de familie zou worden. Maar hoe verrassend was dat eigenlijk? Niet zo heel erg als we kijken naar de familie waar hij uit voortkwam. Zijn scherpe verstand, boerenbloed, sociale bewogenheid en politiek inzicht vormden een bijzonder mix die van hem een groot landbouwhervormer maakten. Zijn jeugd was zijn basis. In zijn eigen woorden:

…Ik heb het gevoel dat het de belangrijkste periode is geweest, een tijd waarin je hebt leren zien, voelen en denken…

Er is al veel over hem geschreven. Het heeft geen zin dat allemaal te herhalen. Door zijn voorouders te beschrijven wordt in ieder geval duidelijk uit wat voor nest hij voortkwam. En vanuit dit familieperspectief met persoonlijke verhalen kan hier en daar nog wat meer kleur aan zijn levensloop worden gegeven.

Veelzeggend was hoe hij terugkeek op zijn tijd in de Westpolder. Herinneringen die hij aan het eind van zijn leven aan het papier heeft toevertrouwd. Hij eindigde met:

…De Westpolder? Dat was de wereld. Een heel mooie een onvergetelijke wereld!

Liefde voor de natuur

Sicco bezocht de lagere school in Vierhuizen, van meester Winter en juf Winter, vader en dochter. De eerste drie klassen zaten bij elkaar in één lokaal waar juf  Winter de scepter zwaaide. In zijn herinnering waren dat dertig of veertig kinderen. Toch heerste er rust en orde.

…Je haalde het eenvoudig niet in je hoofd om wanorde te schoppen. En je was eraan gewend stil in  je bank te zitten en als je dan toch een keer naar ‘achter’ moest, dan stak je je vinger op…

Vanaf de vierde klas kwam hij bij meester Winter terecht. Pas later besefte Sicco hoeveel hij van hem heeft geleerd en hoeveel liefde voor de natuur deze meester hem heeft bijgebracht. Deze liefde zou de grondslag vormen voor een belangrijk keerpunt in zijn leven.

De lessen over de natuur stonden hem op latere leeftijd nog steeds bij. De donderdagmiddag was voor deze lessen ingeruimd.

 …Dan moesten we de planten met wortel en bloem meenemen en stiekeltjes en kikkerdril in jampotjes en kevers, torren, duizendpoten en krabben in doosjes of in de hand geklemd. Alles wat we vonden op weg naar school…

Vanuit het raam van zijn school kon hij het kleine kerkhof zien liggen waar veel familieleden zouden worden begraven, waaronder zijn opa Derk. Op stormachtige middagen in de herfst zag hij de takken van de bomen rond het kerkhof wild heen en weer zwiepen. Dan droomde hij weg naar de Waddenzee. Zou de dijk het houden? Hij voelde de spanning in zijn maag. Als elke Groningse jongen kende hij het gevaar van overstromingen die al eeuwenlang het vlakke land hadden geteisterd. Vanuit school nam hij op zo’n dag niet de gebruikelijke weg naar huis, maar koos hij voor de dijk die niet ver van de boerderij lag. Tegen de storm in zwoegend zag hij hoe de hoge golven met schuimkoppen tegen de bovenkant van de dijk aansloegen. Het stelde hem gerust. Nu zag hij met eigen ogen hoe sterk de dijk was.

Levendige herinneringen had hij ook aan het werk op de boerderij. De mooiste tijd voor hem was de tijd dat het dorsen begon. Hij wist dan niet hoe snel hij van school naar de boerderij moest rennen. Urenlang kon hij gefascineerd naar de dorsmachine kijken, de rode gloed van het vuur en het gesis van de stoom. Als de arbeiders op het land aan het werk waren ging hij als het even kon met de schaapjongen mee die koffie rondbracht met een grote ketel op zijn rug. De mannen vonden het mooi wanneer je van zover kwam lopen om koffie te brengen. Het gaf Sicco een fijn gevoel.

…Mooi vond ik ook de tijd van het ploegen op wintervoor. Dan was het vaak wat mistig en heel stil. Je liep dan als kind mee door de voor achter de ploeg en keek hoe de mooie grond omkrulde. Af en toe hoorde je een knars van een schelp en natuurlijk het korte geroep van de meeuwen achter je. Je rook het zweet van de paarden en je voelde je gelukkig…

Met spijt schreef Sicco hoe het allemaal was verdwenen, dat eenvoudige leven in de polder waar altijd wat te beleven was.

… Ik herinner me nog goed hoe je dan op een mooie voorjaarsmorgen op Zondag met je ouders en beide zusters en broers op de dijk zat en over het wad tuurde. Je keek niet alleen, maar je hoorde het wad en je rook het. De lange koperen verrekijker natuurlijk mee en je keek naar de in de warmte trillende duinen van Schiermonnikoog. En als je dan vanuit de verte het doffe dreunen van een motor van een vissersboot in Zoutkamp hoorde kwam er een verlangen ook de zee op te gaan naar verre onbekende landen…

Foto: Het gezin van Bert en Wabien Mansholt-Andreae, Sicco staat 2e van rechts achter zijn moeder

Dit is een fragment uit het boek: “Uit Zeeklei gebakken” het is hier te bestellen

Snelfoto’s rond 1912

Al vlak na de eeuwwisseling kon je een soort pasfoto’s laten maken. Veel goedkoper dan bij een professionele fotograaf. Voor zo’n 15 cent kreeg je 6 grote of 12 kleine pasfoto’s. In Groningen was American Automatic Photo Cy gevestigd in de Brugstraat en later Guldenstraat 13. In het Mansholt archief kwam ik onderstaande foto’s tegen: Derk Roelfs Mansholt met kleinzoon Dirk en Grietje Mansholt met een nog onbekende vrouw.

Informatie snelfoto’s via Dirk Kome

Sterke vrouwen

Grietje Mansholt-Louwes (1867-1946) leest rond de wisseling naar de 20 eeuw een boek van Claus Heinrich Baas waarin ze haar eigen leed weerspiegeld zag. “Daar zijn boeken ook voor”, schrijft dochter Hetty Mansholt later en ze voegt er aan toe: Vrouwen met ambitie die zich daarin belemmerd voelen, worden in die tijd vaak bestempeld als ‘ontevreden’.

Grietje voelt zich verwant met de vrouwenbeweging. In 1898 is de Nationale Tentoonstelling voor Vrouwenarbeid in Amsterdam. Freule Jeltje de Bosch Kemper schrijft bij die gelegenheid: De vrouw is veelal nog een slavin en slavernij kweekt heersers. Vrouwen en kinderen zijn dan nog onbeschermd tegenover overmatige arbeid en hebben nauwelijks politieke invloed.

De strijd van vrouwen wordt echter wat ondergesneeuwd door de bredere strijd van socialisten voor het Algemeen Kiesrecht. Hetty en Ada krijgen van Grietje te horen hoe ze aan geboortebeperking kunnen doen. Grietje is er, net als in die tijd dr. Aletta Jacobs en de Nieuw Mathusiaanse bond, waar ze zich bij aansluit, van overtuigd dat het hebben van minder kinderen vrouwen betere kansen op ontplooiing biedt. Daarbij was armoedebestrijding, door vermindering van het aantal kinderen, bij de nieuw-malthusianen een belangrijk thema. Door het verspreiden van informatie over voorbehoedmiddelen zouden vooral arbeidersgezinnen leren hun gezin klein te houden en zo zelf hun welvaartsniveau te verhogen. Er werden spreekuren georganiseerd, waar minder vermogende vrouwen terecht konden voor gratis seksueel advies en voor voorbehoedmiddelen. Van de medici die op dit terrein pionierswerk verrichtten zijn Aletta Jacobs, de eerste vrouwelijk arts van Nederland, en Johannes Rutgers, arts en lange tijd secretaris van de Nieuw-Malthusiaanse Bond, het bekendst. Daarnaast was Grietje, net als Wabien, lid van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht. Het is geen toeval dat eind negentiende eeuw en begin twintigste eeuw zoveel vrouwen uit Groningen zich bezighielden met het versterken van de rechten en de positie van vrouwen. Het noorden stond in deze periode al bekend als een radicale regio met veel vrijdenkers.  De provincie Groningen was welvarend en veel inwoners hadden tijd en middelen om boeken te lezen, naar bijeenkomsten te gaan en goed onderwijs te volgen.

Grietje verzucht in die tijd dat ze zich voelt als Clärchen uit ‘Egmont’ van Goethe, ‘Himmelhoch jauchzend, zum Tode betrübt’. Het blijft lange tijd een gevleugelde uitdrukking in de familie.

Dit is een fragment uit het boek “Uit Zeeklei gebakken”. Het boek is hier te bestellen

Boerderij ‘het Gansehuis’ in het Kerspel Zuurdijk

In het Kerspel Zuurdijk stonden midden 19e eeuw grote boerderijen rond de wierde Ewer. Jarenlange overstromingen van het nabijgelegen Reitdiep hadden gezorgd voor de afzetting van vruchtbare zeeklei. Vanaf 1798 tot 1913 werd boerderij Het Gansehuis bewoond door de familie Zijlma. Het was de eerste boerderij waarvan in 1776 de lemen vloer werd vervangen door een houten. De Zijlma’s bezaten ook de boerderij ‘Ewer’ die inmiddels is afgebroken.  

Meer lezen over de families Mansholt, Dijkhuis, Zijlma en Louwes, kijk in het boek “Uit Zeeklei gebakken”. Het boek is hier te bestellen

Foto uit familiearchief: Medewerkers van boerderij het ‘Gansehuis’  in het kerspel Zuurdijk in 1897 waar Stephanus en Henriette Louwes-Zijlma toen boerden

De ziekte van Ubbo Mansholt

Mijn overgrootvader Ubbo  Johan Mansholt was een van de eerste studenten aan de Rijks Hogere Landbouwschool in Wageninge die hij van 1887 – 1889 bezocht. Bij het eindexamen kwam hij in aanmerking voor de bekende ‘Sloetprijs’. Samen met zijn vader zond hij in 1893 een antwoord in op een prijsvraag van de ‘commissie van het Burmalegaat over ‘stikstofvoeding der cultuurgewassen’. Deze inzending werd met goud bekroond.

Ubbo kreeg, net als zijn vader Derk Roelfs Mansholt, een steeds grotere naam als landbouwdeskundige. Het leverde hem in 1910 een eervolle opdracht op. Hij werd gevraagd als adviseur op te treden bij de aankoop van een groot stuk grond in Canada. Op 31 maart vertrok hij met de ‘Rotterdam’ van de Holland-Amerika Lijn voor de lange oversteek naar Canada. Het was een reis die niet onder een goed gesternte plaatsvond. Dochter Hetty was er openhartig over:

…Reeds bij het begin van de reis was zijn handschrift veranderd, maar toen hij terugkwam van deze interessante reis was hij ziek, invalide, wanhopig. Begin oktober volgde het eerste consult. Na correspondentie tussen neuroloog Wiersma en chirurg Koch en de Amerikaanse hersenchirurg, die als eerste een hersentumor had geopereerd, werd hij op 24 oktober geopereerd aan een gliosarcoom. In december kwam hij thuis met een slepend been en gestoorde spraak en een verlamde arm. Een dag voor zijn verjaardag, 29 december, volgde een tweede consult. Na een tweede operatie kwam hij in maart 1911 thuis, op 16 mei volgde het einde. Toen bleek hoe heel Groningen had meegeleefd, meegeleden met ons, met de sympathieke jonge praktijk man en onderzoeker en zijn gezin…

Ubbo Johan Mansholt
Ubbo’s handschrift
CamScanner 11-17-2021 11.18

Dit fragment staat in boek “Uit Zeeklei gebakken” over de Families Mansholt, Louwes, Zijlma en Dijkhuis. Het boek verschijnt op 1 oktober 2022 en is hier alvast te bestellen voor een speciale prijs.

De geschriften van Derk Roelfs Mansholt

Aan het eind van de negentiende eeuw richt Derk Roelf Mansholt een tijdschrift op, met de eenvoudige en krachtige titel: De Grond (centraal orgaan voor de agrarische belangen in Nederland). In dit veelgelezen blad dat elke maand verschijnt, kan hij ervaringen en ideeën kwijt die steeds meer weerklank vinden.

Het is een periode waarin de prijzen voor graan en andere agrarische producten een dramatische daling laten zien. Derk vindt dat landbouwprijzen beschermd moeten worden om te voorkomen dat de boeren en hun arbeiders tot armoede vervallen. Geen vrijhandel zoals in liberale kringen wordt bepleit.

Hij had zich al eerder sterk gemaakt voor vaste prijzen voor landbouwproducten, zoals voor graan, om de boeren een redelijk  inkomen te kunnen garanderen en de voedselproductie te stimuleren.

Hij schreef:

…Het broodkoren neemt onder alle handelsartikelen de eerste plaats in en kan door geen enkel ander artikel worden vervangen. Gebrek aan broodkoren staat gelijk aan hongersnood…

Toen wist Derk nog niet hoezeer zijn opvattingen invloed zouden krijgen op het gedachtengoed van zijn kleinzoon Sicco Mansholt die daarmee de basis legde voor een Europees landbouwbeleid. In een van de vele boekjes die Derk Roelfs schreef en zelf uitbracht “Prijsvorming van het broodkoren” schrijft hij nog: …De landbouw heeft niet zozeer belang bij hooge dan wel bij constante graanprijzen…

Sicco had het boekje in zijn bezit en heeft deze zin onderstreept.

Het is de stellige overtuiging van Derk dat de boerenstand de basis vormt van de welvaart in Nederland. Geen vreemde gedachte als je bedenkt dat ongeveer de helft van de mensen in die tijd nog werk vindt in de agrarische sector. Maar Derk ziet ook dat er een kentering plaatsvindt. Steeds meer landarbeiders keren het platteland de rug toe. Ze vinden een beter betaalde baan in de fabrieken in de grote steden. Ook in Nederland rukt de industriële revolutie op.

Bibliografie Derk Roelfs Mansholt

  • Mijne zelfverdediging (1892)
  • Wat is de beste wijze van stalmestbewaring (1892)
  • De ontwerpplannen der Zuiderzee-commissie (Groningen 1893)
  • De kanalisatie van Westerwolde, een practisch voorbeeld hoe in Nederland de woeste gronden ontgonnen moeten worden. Winschoten (1894)
  • Internationale arbeidsverdeeling en de prijsvorming van het broodkoren (St. Anna-Parochie 1896)
  • De stikstofvoeding der landbouwcultuurgewassen met U.J. Mansholt (Dordrecht 1900)
  • Vrijhandel, fiscaliteit of bescherming? (Groningen 1904)
  • De donkere zijde van den handel (Groningen 1907)
  • Vor einem halben Jahrhundert (Aurich 1909)
  • Het bankroet van de vrijhandelsleer  (vertaling van een boek van Jules Domergue met commentaar door Derk Roelfs Mansholt (1909)
  • Landbouwhuishoudonderwijs voor de vrouwelijke landbevolking. Rapport [met J. Heidema en J.B. Westerdijk] (Groningen 1910)
  • Het wetsontwerp op de afsluiting en indijking der Zuiderzee. Eenige kritische beschouwingen (Groningen 1917)
  • Een en ander uit de geschiedenis der Groninger Maatschappij van Landbouw en Nijverheid. Vervolg 1913-1918 (Groningen ca. 1919)
  • De waterschapslasten in de diverse provincies
  • Bedijkingen van Hollandsche ondernemers aan den Dollard in het midden der vorige eeuw. Tijdschr. voor de volkstaal  (1916)

Vele bijdragen vooral aan Groninger Weekblad, Radicaal Weekblad, Friesch Volksblad, Recht voor Allen, Winschoter Courant

Dit fragment staat in boek “Uit Zeeklei gebakken” over de Families Mansholt, Louwes, Zijlma en Dijkhuis. Het boek verschijnt op 1 oktober 2022 en is hier alvast te bestellen voor een speciale prijs.