Kinderboeken rond 1900

Ik kom uit een familie met veel leraressen die in de begin jaren van de 20e eeuw in het net startende Montessori onderwijs werkzaam waren.

Uit die tijd zijn veel school en kinderboeken bewaard gebleven. Vaak in het Nederlands (Meeste Scheepstra) soms in het Engels, Frans of Duits. Ook zijn er boekjes met foto’s die mijn opa Jan Voerman Jr. rond 1910 gebruikte bij het tekenen van de Verkadeplaatjes.

pimenmien

Het jaar zonder zomer

Dit verhaal begint met een uitbarsting in 1815 die de hele wereld enkele jaren in het duister zet. Hoe het eindigt is nog onbekend maar nieuwe tekenen van een toekomstige uitbarsting met wereldwijde gevolgen zijn er volop.

Het was de grootste uitbarsting van een vulkaan die de mens ooit had gezien. Net voor middernacht op de 10e april 1815 werd de top van de ‘Tambora’ op het eiland Soembawa in Nederlands-Indië weggeblazen. De vreselijke uitbarsting, heftiger dan duizenden atoombommen, was tot wel 2.500 kilometer verder in de wijde omtrek te horen. Het eiland kwam op verschillende plaatsen meters uit de zee omhoog en werd bedekt met meters puin en as. Een hele cultuur verdween. 150 kubieke kilometer puin en vulkanische assen kwamen in de atmosfeer terecht, dwars door de ozonlaag, 43 kilometer hoog

Na twee maanden bereikte die vulkanische as Londen. Er waren bloedrode zonsondergangen gevolgd door zware regenbuien die niet meer leken te stoppen. Er viel zoveel regen dat de legers van Napoleon vastliepen in de modder bij Waterloo. Het bleek uit einde van Napoleon, het einde van een tijdperk in Europa.

Het werd erger. Het nieuwe jaar 1816 werd later wereldwijd het jaar zonder zomer genoemd. In de zomer viel er sneeuw in Noord Amerika en in Europa was er vanaf augustus nachtvorst. Veel ingezaaide velden kwamen niet tot bloei. De extreem lage temperaturen zorgden achtereenvolgens voor mislukte oogsten, hongersnood, voedselrellen en plunderingen. In 1820 en 21 volgden in Europa nog uitbarstingen van de Vesuvius.

Na drie jaar met misoogsten werd de gemiddelde prijs voor voedsel bijna 3x zo duur. Hele volksstammen moesten buiten hun vertrouwde omgeving op zoek naar voedsel. Hongersnood en overstromingen veroorzaakten tyfus- en cholera-epidemieën. Het jaar zonder zomer zorgde alleen al in Europa voor de dood van 200.000 mensen. Veel mensen scheepten zich in voor een nieuw begin in Amerika. En in die nieuwe wereld kreeg trokken de nieuw emigranten van de oostkust door naar het onontgonnen westen.

Uit as en chaos ontstaat vaak iets nieuws. Het bestuur kreeg een nieuw gezicht omdat overheden inzagen dat ze een taak hadden om inwoners te ondersteunen. Het is niet toevallig dat in deze periode in Nederland de Koloniën van Weldadigheid ontstonden.

Nieuwe middelen van vervoer zoals de fiets werden bedacht omdat door het aanhoudende tekort aan voedsel veel minder paarden konden worden ingezet. Wetenschappers gingen aan de slag om nieuwe misoogsten te voorkomen en de landbouw te vernieuwen met nieuwe, sterkere gewassen en kunstmest. Er was een grote belangstelling voor studies naar klimaat en vulkanologie. En de rampen waren inspiratie voor nieuwe uitvindingen zoals het reddingsvest en pijnstillers. Zelfs in de wereld van de kunst was er een onverwachte misschien wat duistere bloei. Vanwege het slechte weer zaten de schrijvers van Frankenstein binnen en bedachten de meest vreselijke griezel verhalen. Kunstenaars als de Engelse schilder William Turner schilderden dreigende landschappen met roodzwarte luchten.

05-01-01
De uitbarsting van de Vesuvius 1820, door Johan Christian Dahl

De periode, in het eerste kwart van de 19e eeuw, was ook voor mijn voorouders aanleiding om nieuwe stappen te zetten. Aaltje Schraat zakt met haar familie vanuit Duitsland de IJssel af naar waar de rivier in de Zuiderzee stroomt bij het Kampereiland. Alle bezittingen van de familie Schraat, inclusief de beesten en de dienstmeid zaten op het schip. Daar trouwt de levenslustige jonge vrouw met boerenzoon Reinder Voerman. Een paar jaar later krijgen ze weer te maken met een grote watersnood die bijna alle boerderijen wegspoelt.

Op de terpen in Noord Groningen van Zuurdijk en Vierhuizen waren de boerenfamilies Hopma, Zijlma en Dijkhuis druk doende hun voeten en landerijen droog te houden. Grote stukken land werden ingepolderd. En hoewel er nog vaak overstromingen waren werd er veel nieuwe landbouwgrond bijgewonnen zoals in de nieuwe Westpolder waar grote boerderijen werden gebouwd.

Even verderop in Wedde koopt notaris Koning, wiens zaken niet zoveel schade oplopen door het barre weer, de burcht in Wedde. Een steviger woonhuis is niet denkbaar.

En vlak over de grens in de delta van de Dollard krijgt de jonge boerenzoon Ubbo Mansholt langzaam genoeg van de vele overstromingen. Hij zal echter pas 50 jaar later met zijn hele gezin naar hoger gelegen gronden bij Eexta in Groningen vertrekken.

En tot slot de familie Rahder die zich aan het einde van de 18e eeuw vanuit Mülheim an Rhein in Amsterdam zijn beland waar een succesvolle wijnhandel is gestart. Ook de jonge Johan Coenraad Rahder zoekt een nieuwe uitdaging en smeed plannen om een avontuur te beginnen in het woeste hoogveen van het nog lege Drenthe.

In de veelal slecht verlichte en verwarmde huizen was er een groot verlangen naar een nieuwe tijd met meer licht. Maar om succesvol aan het duister te ontsnappen is beweging noodzaak. En de wereld kwam in beweging. Ik zal mijn persoonlijke geschiedenis daarom beschrijven vanaf het jaar zonder zomer waarin mijn 16 voorouders in beweging kwamen. Vanuit de chaos vanuit het eerste kwart van de 19e eeuw naar een nieuwe chaos het huidige 1e kwart van de 21e eeuw. Een tijd waarin ondanks nieuwe vooruitgang en welvaart de mensen meer ontevreden en boos zijn dan ooit. Het is niet dat we het niet goed hebben maar we weten niet meer hoe beter kan!

Wat valt te leren van de vorige zes generaties.

 

 

.

 

Verkoop in het veen

Uit de Rahder archieven.

Er werd veel veengrond aangekocht en later ook weer verkocht. Na het overlijden van weduwe W.P.C. Rahder – Van Voorthuyzen in 1887 werden in 1889 door de erfgenamen via een publieke verkoop te Hoogeveen grote stukken grond verkocht. In een boekje staat per perceel aangeven wie de grond aankocht en voor hoeveel. De erven Rahder kochten daarbij overigens ook weer gronden aan.

Een aantal ansichten uit het ‘nieuwe’ veen waarbij steeds nieuwe gereedschappen en ook machines werden gebruikt.  Enerzijds om het veen sneller te winnen anderzijds om de kwaliteit van het veen te verbeteren (betere verbranding, compacter). De concurrentie met steenkool was immers erg groot.

Tot slot een foto van veenbazen uit Drenthe op werkbezoek bij de buren in Duitsland in 1921.

rahder-turf-fotos2

De Mansholt vrouwen

Mijn oma Hetty Voerman-Mansholt was een kleindochter van Derk Roelfs Mansholt. Een boerenzoon die in 1866 met zijn familie uit het Duitse Ems gebied naar Noord Groningen trok. Hij trouwde met Aaltje Dijkhuis en ging wonen in de boerderij ‘Thorum’ van haar familie in de nieuwe Westpolder. Opa Derk en later ook zijn zonen en kleinzoon Sicco Mansholt hebben zich bezig gehouden met verbeteren van de positie van de boer. Betere producten (gewas veredeling) maar ook betere prijzen voor hun producten. Maar ze kwamen ook op voor de positie van vrouwen.

Mijn oma heeft er een stuk over geschreven. Ze verteld daarin het verhaal van haar over-oma Hilje Hopma (1800-1878), oma Henriette Zijlma (1828-1913) en moeder Grietje Louwes (1867-1946). Sterke vrouwen die in het Groningse Marne gebied volop meewerkten op het boerenbedrijf. Mijn oma beschrijft dat de vrouwen door hun man ‘in ere’ werden gehouden. Zoals ik het begrijp betekend dit dat ze een volwaardig aandeel hadden in het bedrijf en dat ze niet ieder jaar in verwachting waren van weer een nieuw kind en zo tijd hadden voor andere dingen dan baren en opvoeden. Vanuit deze rol ontstond ook de vrouwenbeweging rond 1900. Wabine Andrea, de moeder van Sicco Mansholt speelde daarbij nog een grote rol. Grietje Louwes verhuisde uiteindelijk met haar echtgenoot Ubbo Johan Mansholt naar de stad Groningen en ging daar vlak na 1900 in het nieuwe Zuiderpark wonen. Dat beviel niet goed, ze was niet gewend aan de etiquette van de ‘stadse jufferen’. Toen haar echtgenoot vroeg overleed en ze in haar eentje twee jonge meisjes moest opvoeden kwam ze niet meer in haar kracht.

Uiteindelijk ging de vrouwenstrijd in die periode kopje onder in de socialistische beweging. Vrouwenrechten waren minder van belang dan de rechten van alle arbeiders. Mijn oma betreurt dat.

We hebben vanuit deze familie nog de beurs met zilveren beugel die Hilje Hopma in 1815 kreeg op haar 15e verjaardag ter ere van haar belijdenis en een doopmutsje. Het is volgens mijn oma een groen fluwelen beugeltas bedrukt met bladgouden stipjes en de rijkversierde zilveren beugel

 

 

De nieuwe eeuw 1900

Er zijn veel foto’s vanuit mijn familie. De Voermannen maakten foto’s om te gebruiken bij hun schilderijen maar maakten ook veel familie plaatjes. Ik heb dozen vol glasnegatieven en ook wat afdrukken. Er zijn veel foto’s van het Voerman paradijs aan de Gelderse dijk. De kinderen in de tuin met bordjes verse aardbijen. Maar ook foto’s uit Hattem, langs de IJsseloevers en vanuit de bossen in het zuiden.

Van mijn oma Mansholt zijn er vooral schoolfoto’s vanuit Groningen. Keurige meisjes van de lagere school en later de HBS.

Van mijn Rahder familie zijn er nog foto’s van het turfgraven rond de veengebieden rond Hoogeveen. En ook zijn er oude ansichtkaarten van hun woonplaats Noorscheschut.

 

Jan Voerman Jr.

Mijn opa Jan Voerman Jr. (1890-1970) was als veel zonen van bekende ouders zijn leven bezig om ‘uit de schaduw’ zijn vader de IJsselschilder te komen. Hij werd vooral bekend als illustrator van de bekende Verkade albums maar toch voelde hij zich als kunstenaar niet echt erkend. Hij was een goed lithograaf maar ook daar kreeg hij nauwelijks erkenning voor.

insecten

Het jeugdwerk van mijn opa laat zien dat hij al vroeg een goed oog had voor de details in de natuur. Hij tekende veel beestjes en bloemetjes zoals later ook op de Verkade plaatjes. Een groot deel van zijn inkomsten verwierf hij het uit (zelf) litho-drukken van kalender platen. Ook daar begon hij al vroeg mee. Deze kalender platen maakte hij al vanaf zijn 12e jaar voor zijn grootouders Erik en Edu Verkade. Wellicht is Erik Verkade toen op het idee gekomen om zijn kleinzoon te vragen om mee te werken aan de Verkadealbums. Jan Voerman heeft dat vanaf het eerste begin: Album lente 1906 tot aan het album Apen en hoefdieren in Artis uit 1940 gedaan.

kalender-1903

kalender-1907

 

De geschiedenis van Verkade

Voor de geschiedenis van de ‘tak’ Verkade kan ik op internet terecht. Verkade is nog steeds bekend van de koekjes, de meisjes van… en ook de Verkade albums. Vanuit de eerder benoemde boeken over de schilders Voerman blijkt dat de familie Verkade goede sponsoren waren van de kunstschilders. De families leerden elkaar kennen doordat Jan, de broer van Anna Verkade, schilderlessen kreeg van Voerman sr. Deze trouwde dus met de zusters van zijn vriend en leerling.

Ericus Gerhardus Verkade (Vlaardingen, 20 november 1835 – Hilversum, 8 februari 1907) was een Nederlands industrieel en oprichter van het bedrijf Verkade.

ericusverkadersr
Ericus Verkade Sr. met twee van zijn zonen, de directie van de Verkade fabriek

Verkade werd geboren in Vlaardingen als zoon van een notaris. Toen zijn vader overleed verhuisde hij met zijn moeder naar de Zaanstreek, waar zij vandaan kwam. Na zijn schooltijd (hij zat op een kostschool) begon Verkade met het geld dat hij geërfd had een fabriekje in patentolie. Dit fabriekje brandde in 1875 af, waarna Verkade zich samen met zijn zwager ging toeleggen op het handelen in oliehoudende granen. In 1883 stopten de zwagers met deze handel

Op 2 mei 1886 richtte hij Stoom-Brood en Beschuit-fabriek ‘De Ruyter’ op. Deze naam was gekozen omdat de eerste meelmolen van Westzaandam zo heette. De producten die De Ruijter aanvankelijk maakte waren brood en beschuit. In 1898 begon hij in een nieuwe fabriek in Amsterdam met de productie van waxinelichtjes. Het patent hierop kocht hij van zijn schoonzoon Morris Broad Fowler.

Ericus Gerhardus Verkade trok zich in 1900 terug uit het zakenleven en droeg de zaken over aan zijn gelijknamige zoon en diens broer.

verkade1930
De Verkade fabriek aan de Zaan

Op 13 mei 1857 trouwde hij in Zaandam met Trijntje Smit. Zij overleed reeds op 1 mei 1863. Op 9 juni 1865 hertrouwde hij in Wedde met Eduarda Thalia Koning. Uit dit huwelijk stammen o.a. Anna de echtgenote van kunstschilder Jan Voerman Sr. en toneelleider/acteur/regisseur Eduard Verkade.

Jan Verkade heeft meerdere boeken geschreven over zijn jeugd. Hij groeide op als deel van een tweeling. Ericus jr., zijn tweelingbroer, werd directeur van de Verkade fabrieken. Jan Verkade ging na zijn Hattemse periode naar Parijs waar hij zich aansloot bij de Nabis, een kunstenaarsgroep rondom Paul Gaughin. Nadat Gaughin was afgereisd naar Tahiti viel de Nabis uiteen en trok Jan Verkade met de schilder Sérusier naar een Beuron, een klooster in Duitsland. Hij werd daar monnik en bleef schilderen. Hij noemde zich Don Willibrord.

janverkade2
Jan “Dom Wilibrord” Verkade

De bekende Verkade-albums zijn in 1903 ontstaan toen Verkade plaatjes die in speciale albums konden worden geplakt bij zijn producten voegde. Het begon met drie Sprookjesalbums, met plaatjes die in Duitsland waren gekocht. Dat werd een groot succes en toen besloot Verkade om andere albums uit te gaan geven over diverse aspecten van de natuur en het landschap in Nederland.

In 1904 werd Jac. P. Thijsse benaderd om de tekst te gaan verzorgen voor de andere albums van Verkade. Uiteindelijk werd hij de schrijver van 19 van de 31 Verkade-albums, die zijn verschenen. Hij begon in 1906 met de albums Lente, Zomer, Herfst en Winter. Jan Voerman sr. werd gevraagd de plaatjes te tekenen maar hij liet deze opdracht over aan zijn zoon Jan Jr., toen pas 16 jaar oud.

Tot 1940 zijn er 31 albums uitgegeven. Het totaal in omloop gebrachte albums is ongeveer 3,2 miljoen met een recordaantal van 30 miljoen plaatjes.

verkadealbums

Alle verschenen albums behaalden enorme oplagen, behalve het album Friesland. Friesland behoort tot de meest gezochte Verkade albums. Door een brand zijn indertijd vele plaatjes en albums vernietigd. Ook verscheen het album op een ongunstig moment. De Eerste Wereldoorlog was net afgelopen en de mensen hadden andere zaken aan hun hoofd dan het sparen van Verkade-plaatjes. Friesland lag bovendien als provincie slecht in de Verkade-markt en de albumverkoop bleef ver beneden de maat, zodat er slechts 16.000 exemplaren in omloop zijn gebracht. Ongetwijfeld was de tamelijk hoge prijs voor die tijd van het album, te weten f 1,– hier ook debet aan. Het is bijzonder moeilijk om nog een gaaf album Friesland te bemachtigen.

verkadeericussrkurort
Uit het familiealbum van de Verkades. Ericus Sr. (links van het midden met snor en hoed) en zijn vrouw in een kuuroord in Duitsland

Bronnen:

  • “Jan Verkade, Hollandse volgeling van Gauguin”, Caroline Boyle-Turner Waanders 1989
  • “Een leven in biskwie en Chocolade, memoires van Co Verkade”, Stichting uitgever 2005
  • “Van ongebondenheid en heilige banden”, memoires van Dom Willibrord Verkade. Teulings, 1919
  • “In blijde gebondenheid”, memoires van Dom Willibrord Verkade. Teulings, 1935
  • “Natuurlijk Verkade, het verhaal van de albums”, Marga Coesel, Terra,
  • “Honderd jaar Verkade 1886-1986” 1986

 

Hendrik Uiterwijk (1877-1922), de kapper uit Hoogeveen die de politiek in ging

De opa van mijn moeder was een kapper (of eigenlijk coiffeur) Hendrik Uiterwijk (1877-1922) die in de gemeenteraad van Hoogeveen terechtkwam. Mijn moeder heeft haar grootvader nooit gekend omdat hij al op 43 jarige plotseling stierf. Zijn gezin, met zijn oudste dochter, mijn oma Femmy, die toen nog maar 21 jaar oud was in vertwijfeling achterlatend.

Hendrik was een bijzondere kapper die zich inzette voor minder bedeelden en als bestuurslid betrokken was bij veel organisaties, van de fanfare tot het schoolbestuur. Hij was eerst lid van de liberale partij maar kreeg daar al snel onenigheid met de lijstrekker Ogterop. Een bekende naam in Hoogeveen.

uiterwijkhendrik

Hendrik had voort die tijd vooruitstrevende plannen die helaas bijna nooit een meerderheid kregen in de toenmalige Hoogeveense raad die voornamelijk conservatief was. In de raadsverslagen in de Drentse en Asser courant in de jaren 1910-1920 komt zijn naam veelvuldig voor. Dan weer pleit hij voor hogere salarissen van de onderwijzers om het onderwijs te verbeteren, dan voor een heldere procedure voor het aanstellen van een nieuwe marktmeester. Eentje die zich niet laat omkopen. Hij pleit verder voor extra geld voor kindervoeding en kleding voor minder bedeelden, lagere gasrekening voor de armen, meer vrouwen benoemen in de commissie voor toezicht op het lager onderwijs. Een voorstel voor betere toiletten en drinkwatervoorziening in armere wijken haalde het wel. Hij had meerdere malen aanvaringen met burgmeester en wethouders maar bleef in ‘klare taal’ opkomen voor de minder bedeelden in de gemeente.

Uiterwijk salarissen

Uiteindelijk stelde hij zich zelf verkiesbaar op zijn eigen lijst Uiterwijk. Volgens de krant wordt hij daartoe gevraagd door een grote groep kiezers. Bij de raadsverkiezingen van 1919 was er net een nieuw kiesstelsel geïntroduceerd met een evenredige vertegenwoordigging. Als een lijstrekker van een partij veel kiezers trok konden er meerdere raadsleden in de raad gekozen worden. Of Hendrik had zijn eigen populariteit onderschat of hij had het nieuwe stelsel nog niet helemaal begrepen maar hij stond als enige lid op de lijst Uiterwijk. Hij kreeg met 391 van de in totaal 2262 stemmen genoeg voor 3 zetels maar die gingen dus naar andere partijen. De conservatieven behielden hun meerderheid.

Uiterwijk 3 zetels

In 1922 werd Hendrik plotseling ziek en overleed. Hij kreeg veel aandacht bij zijn begrafenis. Veel mensen die hij had geholpen waren bij zijn uitvaart. Op de oude begraafplaats aan de Zuiderweg staat nog een mooi monument. Over zijn opvolging in de Gemeenteraad van Hoogeveen is nog veel discussie geweest. Omdat er geen andere partijleden waren is zijn zetel bij een partij terechtgekomen die Hendrik zo had bestreden De Christelijk – Historischen en de AR/ CH partij.

Het gezin Uiterwijk kreeg het moeilijk in die jaren na zijn dood. Dochter Margreet (mijn oud tante Gré) kon verpleging studeren in het verre Groningen. Haar uitzet met verpleegsters uniformeren werd door moeder Uiterwijk en zus Femmy zelf genaaid. In 1939 stierf ook zoon Hendrik Jr. op zijn 18e jaar aan een blindedarm ontsteking. In december van dat jaar stierf weduwe Elisabeth Uiterwijk-Haarsma op 59 jarige leeftijd. Het overlijdensbericht komt van de gemeente Groenigen en is ingeschreven in Hoogeveen. Werd ze verpleegd door haar dochter Gré?

Femmy trouwde met vervenerszoon Jacob Rahder. Jacobs moeder, Jentje Rahder-Thomas, waarschuwde haar zoon zijn partnerkeuze omdat ze bang was dat Jacob de zorg voor het gehele gezin Uiterwijk op zijn schouders zou krijgen. Uiteindelijk overwon de liefde.

Een artikel uit 2000 in de Veenmol van Jan L. Havinga geeft een mooi beeld van Hendrik. Een markante man met een groot sociaal gevoel. Ik herken dat op meerdere plekken in mijn familie zoals bij de Mansholten uit de Westerpolder maar ook bij de Rahders en de Verkades. Hendrik was lid van vele besturen en commissies, van het ijsbaan bestuur tot de ondernemers vereniging en de vereniging voor volksvermaken.

uiterwijkkranten1

uiterwijkgraf
Graf van Hendrik Uiterwijk in Hogevee

 

Uiterwijkoverleden

Bronnen:

  • Privé archieven
  • Veenmol 1, 2000, historische kring Hoogeveen
  • Drentse en Asser courant edities 1910-1920

 

De Voerman geschiedenis

Er is een flink aantal boeken geschreven over de schilder Jan Voerman Sr, mijn overgrootvader. De boerenzoon van Kampereiland die een bekend schilder wordt. De boeken vertellen over zijn leven in Hattem aan de Geldersedijk met zijn vrouw Anna Verkade (dochter van de oprichter van de Verkade fabrieken) en hun 5 kinderen, waaronder mijn opa Jan Jr. de tekenaar van de Verkadeplaatsjes. Over mijn opa is ook een boek geschreven met de veelzeggende titel “Uit de schaduw van de IJsselschilder”. Mijn oma Hetty Voerman-Mansholt heeft in eigen beheer een familieverhaal uitgebracht onder de titel “Neuriën”. Mijn moeder heeft wekenlang mijn grootmoeders aantekening uitgetypt en mijn vader heeft er plaatjes en illustraties bij gezocht. Er is dus veel familiegeschiedenis opgetekend over mijn Voerman ‘roots’.

voermanboeken
Boeken over de Voerman schilders

Veel bronnen op internet en in mijn eigen archief zijn dezelfde als die in de boeken worden gebruikt. Veel verhalen over de boeren op het Kampereiland zijn er niet. De oudste Voerman die we kunnen vinden is Hennen Voerman ook boer op Kampereiland. Hij krijgt in 1679 een zoon: Gerrit. Gerrits zoon heet Tijs. In 1811 wordt Hendrik geboren. Hij krijgt veel kinderen uit diverse huwelijken. Zijn 10e zoon die in 1857 wordt geboren is Jan Voerman, de latere IJsselschilder.

vadervoermansr
Hendrik Voerman

Jan onttrekt zich aan het boerenleven in Kampen neemt teken en schilderlessen en wordt schilder. Na omzwervingen vestigt hij zich in Hattem met zijn vrouw (zus van zijn vriend en leerling Jan Verkade). Hij creëert daar langzaam zijn eigen ‘paradijs’. Het beeld dat blijft hangen: een artistieke familie die haar weg inslaat en niet altijd ‘lekker in het vel’ zit. Jan Voerman Sr. heeft wolken in zijn hoofd, en legt die prachtig vast op doek en paneel. Hij onttrekt zich steeds meer aan het familieleven door veel in zijn atelier te zijn. Ik herken dat beeld van mijn grootvader Jan Jr. zijn atelier was heilige grond en hij mocht er nimmer worden gestoord. Pas na zijn dood heb ik daar ademloos rondgelopen.

voermanjansroverledengroot
De Hattemse krant “Homoet” na het overlijden van Jan Voerman Sr in 1945

Anna Voerman Verkade is een graag geziene vrouw in Hattem want ze geeft er les aan arme kinderen en helpt moeders met adviezen over voeding, hygiëne en kleding. Ik lees ergens dat ze in haar eentje de kindersterfte in Hattem heeft teruggebracht.

voermanklasroelofsmildehattem

Van de kinderen (naast mijn opa, de oudste Jan Jr., en mijn oud-ooms Tijs, Paul en Willem en oud tante Edu) weet ik dat ze een beschermde jeugd hadden in het Voerman paradijs, maar dat ze het in het latere kleven niet makkelijk hadden en moeilijk hun eigen weg konden vinden. Edu was een enthousiast lerares in het Montessori onderwijs. Tijs was als enige naast Jan Jr. getrouwd en gek genoeg weet ik nauwelijks iets over hem en zijn familie. Hij heeft in zijn jeugd dagboeken geschreven die in het Voerman museum worden bewaard. Willem heeft gestudeerd en had een kleine handicap aan zijn voet. Hij tekende ook maar was vooral bekwaam in maken van beeldjes van klei. Zijn huis stond er vol mee. Paul was vooral de man van de scouting. Ik heb hem nog eens gezien in zijn huis te Hattem bij de ‘Leemkule’ waar hij temidden van de padvinders woonde. Of hij ooit gewerkt heeft weet ik niet. Ik heb nog een mooie legerkist van hem met P.Voerman erop. Mijn Verkade familie heeft de Voerman familie veel ondersteund. Enerzijds met de koop van schilderijen van Voerman Sr., anderzijds met het verstrekken van opdrachten aan mijn opa.

Mijn eigen grootmoeder Hetty was ook een sterke vrouw met een sterke eigen mening. Ze zorgde goed voor de kunstenaar Jan Voerman Jr. en zijn werk. In haar memoires gaat het nauwelijks over haar kinderen, en al helemaal niet over schoondochters of kleinkinderen maar over het werk van haar echtgenoot en zijn worsteling om zich een ‘eigen plek te verwerven naast zijn beroemde vader.

4434_jan_voerman_wolkeffect-vallende_avond_olieverf_op_paneel_31_x_51_cm

Uiteindelijk werd Jr. Voerman Jr. bekend om zijn prachtige Verkadeplaatjes die hij vanaf zijn 16e tekende voor het bedrijf van zijn opa Verkade. Daarover later meer.

schets2
Verkadeplaatje van tekening tot eindproduct.

Bronnen:

  • “Jan Voerman – IJsselschilder” door: Anna Wagner – Waanders Zwolle
  • “Broeden op een wolk” door Leo Boudewijns en Henk van Ulsen Gaade uitgevers, Veendendaal 1987
  • “Neuriën” H.C.S. Voerman – Mansholt – privé uitgave mei 1992
  • “Jan Voerman Jr. Uit de schaduw van de IJsselschilder”, Rita van der Hout Waanders, 2001
  • Dagboek van Tijs Voerman 1891 – 1909 – privé uitgave
  • Uitgaven van “Heemkunde Hattem”: Nr. 64 september 1995, Nr. 79 juni 1999, Nr. 80 september 1999, Nr. 81 december 1999, Nr. 82 maart 2000

Het geslacht Mansholt

Het geslacht Mansholt stamt uit noordwest Duitsland. ‘Opa’ Derk Roelfs Mansholt (1842-1921) bracht zijn jeugd door op een pachtboerderij in de buurt van Ditzumer Hammrich, een dorpje op de klei nabij de monding van de Eems in de Dollard. De boerderij lag zo’n vijf kilometer ten oosten van de grens met Nederland. Het onderscheid tussen de twee staten werd door de bewoners nauwelijks gevoeld. Aan beide zijden sprak men vrijwel hetzelfde dialect. Duitsland was toen nog geen eenheid, maar een losse verzameling vorstendommen. Een nationaal gevoel kende men er niet.

In 1866 kochten Derks ouders een boerderij in Scheemda in het Oldambt, een streek in het naburige Oost-Groningen. Derk was 24 en had al enige tijd verkering met een meisje uit de stad. Hij wilde met haar naar Amerika, maar zijn ouders raadden hem dit af. Uiteindelijk won het boerenverstand het van zijn hart. In een brief aan een van zijn beste vrienden zou hij achteraf opbiechten tot de conclusie te zijn gekomen dat deze verhouding alleen maar tot armoede kon leiden. Hij verbrak de relatie en stak in mei 1866 met de rest van het gezin de grens over. Drie jaar later, op 3 maart 1869, trouwde Derk met de 29-jarige weduwe Aaltje Dijkhuis uit Meeden, even ten zuiden van Scheemda. Zij bezat twee dochtertjes en een mooie boerenplaats met tachtig hectare uitstekend bouwland. Derk trok bij haar in op de statige boerderij Torum is de Westpolder, en werd meteen opgenomen in de kring van dorpsnotabelen. In juli 1873 werd hij genaturaliseerd.

torum2
Herenboerderij ‘Torum’ in de Westpolder

In zijn boek de Graanrepubliek schrijft Frank Westerman over zijn contacten met Sicco Mansholt. Op enig moment overhandigde deze een stapeltje schriften aan Frank Westerman. In die schriften is terug te vinden wat de oorsprong was van het “boerensocialisme” van de Mansholts, aldus Sicco Mansholt. Ze waren van de hand van zijn grootvader Derk Roelfs Mansholt en uitingen van diens brede interesse en een grote betrokkenheid. Te noemen zijn o.a. de publicaties:

  • De ontwerp-plannen der Zuiderzeecommissie (1893)
  • De kanalisatie van Westerwolde (1894)
  • De internationale arbeidsverdeling en de prijsvorming van het broodkoren (1896)
  • De stikstofvoeding der landbouwcultuurgewassen (met U.J. Mansholt 1900)
  • De Staatshuishoudkundige Wetenschap en de betekenis van hoge en lage graanprijzen voor de volkswelvaart (1902)
  • De donkere zijde van de Handel (1907)
  • Het bankroet van de Vrijhandelsleer (1909).

Veel bijdragen heeft Derk Roelfs aan het Groninger Weekblad, het Radicaal Weekblad en het Friesch Volksblad geleverd. Vooral het werkje De internationale arbeidsverdeling en de prijsvorming van het broodkoren uit 1896 is voor Sicco Mansholts denken van enorme betekenis geweest. Ter gelegenheid van zijn veertigjarig huwelijksfeest stelde hij zijn Ostfriese jeugdherinneringen te boek: Vor einem halben Jahrhundert (Aurich, 1909).

opdracht-dr-mansholt
Opdracht van Derk Roelf Mansholt aan zijn kleindochter (mijn oma) Hetty Mansholt

Ze kreeg het boekje in 1914 op haar 17e verjaardag.

In 1920 viel Derk Roelfs Mansholt de onderscheiding Ridder in de orde van Oranje-Nassau ten deel. Op 1 februari 1921 overleed hij in Groningen en werd begraven op de begraafplaats te Vierhuizen. Een strakke eenvoudige zerk dekt zijn graf. De letters zijn wat moeilijk te lezen, doordat de zerk verweerd is. Het uitbundige van het Ostfriese grafmonument is ingewisseld tegen strakke eenvoud. Derk Roelfs ligt er begraven temidden van een aantal leden van zijn gezin en zijn.

27be2516cdc9b95eb5215da5721566fa_6_-boerderij-torum-580
Derk Roelfs Mansholt en zijn vrouw Aaltje Dijkhuis

Bronnen:

  • “Woord en daad”, De zoektocht van Derk Roelfs Mansholt naar een betere samenleving, Hilde Krips-van der Laan Van Gorcum, 1999. Een verhaal over zijn contacten met Eduard Douwes Dekker en Multatuli
  • “Vor einem halben Jahrhundert”, herinneringen van Derk Roefs Mansholt”, privé uitgave ter ere van zijn 40 jarig huwelijk
  • “De Westpolder”, De geschiedenis van een Waddenpolder en zijn ingelanden, J.S. van Weerden 1960.
  • Privé archieven met ondermeer: Knipselboek van U.J. Mansholt 1895
  • “Deze moeders van ons: Hilje, Henriette, Grietje 1800 -1946 “, privé verhaal van Henriette Voerman-Mansholt 1969
  • “De boerderijen van de Marne”, Nina van den Broek, uitgeverij Passage, 2016
  • “Multatuli en twee van zijn discipelen Mansholt en de Raaf”, K. ter Laan E.J. Bril Leiden 1949
  • “De Marne Eene geschiedkundige beschrijving van de Ommelanden, in het algemeen en van het westelijk gedeelte van Hunsingo in het bijzonder”, Mevr. J. Zijlma 1884

derkroelfsmansholtboek

mansholtmuntdrvz
Prijs voor de beste Tarwe voor DR Mansholt
Muntprijs
Bestuursprijs 1897